MPC gaat uit van een faseafhankelijke begrotingswijze. Dat wil zeggen dat er in de beginfase van een bouwproject, wanneer er nog weinig informatie voorhanden is, op een grovere (maar wel volledige) wijze wordt gecalculeerd. Ruime ervaring met soortgelijke projecten is hierbij essentieel! In de vervolgfases (zie bouwprojectmanagement) komt er voortdurend meer informatie beschikbaar waarmee steeds nauwkeuriger gecalculeerd kan worden.

De kracht van MPC zit voornamelijk in het doen van ramingen op basis van kengetallen en elementenbegrotingen in de initiatieffase en de definitiefase (Programma van Eisen). Hiervoor hanteert MPC een systematiek waarbij gebruik wordt gemaakt van informatie uit gerealiseerde projecten. Deze informatie wordt zodanig geordend dat d.m.v. correctie en met behulp van vormfactoren, betrouwbare kengetallen voor nieuwe projecten worden gegenereerd. De ervaring leert dat hiermee betrouwbare kostenramingen tot stand komen.

Ook is het van groot belang dat alle kosten die op een project rusten in kaart worden gebracht. Hierbij valt te denken aan nutsvoorzieningen, infrastructuur, advieskosten, bouwrente, aanvullende voorzieningen, bijzondere locatiegebonden voorzieningen. Maar ook project specifieke kosten kunnen hieronder vallen, zoals eventuele aanpassingen aan belendingen, specifieke inrichting, tijdelijke huisvesting, schadeloosstellingen, e.d.

Voor de beheersing van de kosten wordt er door MPC een kostenbewakingsmodel opgesteld. Hierin worden de investeringskosten onderverdeeld in rubrieken. In elke bouwfase wordt per rubriek het budget, de aangegane verplichtingen en de nog te verwachten uitgaven bijgehouden. Op deze wijze kan per rubriek het verschil met het budget worden bepaald. De som van alle rubrieken is bepalend voor de financiële stand van zaken.

Alle projecten waarbij MPC verantwoordelijk was voor het projectmanagement zijn binnen het gestelde budget uitgevoerd.